maandag 31 december 2007

Oud

Het eerste uur van de laatste dag van het jaar, en ik zat in de bus. Ik was gelukkig, en ben nog steeds.

De wind waaide koud, maar het maakte niet uit want het verbond ons. Een futuristisch steegje in een winkelcentrum boodt geen plaats aan een zitmeubel, waardoor we onze slenterende speurtocht door de stad voortzetten. Een bankgebouw voldeed, ookal was ook hier weinig zitplaats.
Grappig te zien hoe veel mensen er eigenlijk bij een geldautomaat komen op een zondagmiddag, als je er een tijdje bij zit. Normaal sta je daar niet lang om zulke dingen te zien. Maar wij wel, gister. Onder het toeziend electronisch oog van de beveiligingscamera.

De bel.
En het oppaskindje was uitzinnig! We voerden hem macaroni met een graafmachine hoewel de helft op het tafelkleed belande om zorgvuldig uitgeveegd/opgeruimd te worden.
Met de energie die hij in zich had had ik mijn kamer volgens mij drie dagen kunnen verwarmen, maar in plaats daarvan bestuurden we er auto's mee. En een motorfiets, en vrachtwagens. Wonderbaarlijk dat de glazen tafel in het huis nog steeds leefde, en dat er nog geen diepe krassen in de vloer zaten.
Hij sliep ook heel snel, maar dat mag geen verrassing zijn met zijn energieuitstoot van de avond.

Voor de rest van de avond stond de tv aan, en we keken samen. Voor de laatste keer van het jaar, maar ik hoop niet voor de laatste keer in een langer tijdsbestek.
Ik moest gaan om de bus te halen, maar in mijn reistijdpessimisme had ik blijkbaar toch echt vijf minuten te veel gerekend. Vijf minuten die ik langer binnen had kunnen zijn. Ach, nu moet ik die tijd later maar inhalen denk ik.

De bus was leeg, maar de trein niet. Het mocht zo zijn dat een delatie dames van waarschijnlijk een plattelandsvereniging zich verzameld had aan de andere kant van het treinstel waarin ik mij bevond. Deze intercity stopte ook in Hoogeveen en Beilen vanwege vertraging van de stoptrein, of iets dergelijks. Bij iedere keer dat de trein afremde sloeg de lichte paniek bij de damesclub toe en het gekakel en gegil nam grotere vormen aan.
Maar toen eindelijk naderden we station Assen, volgens de omroepende conducteur. Natuurlijk naderde de trein Assen al vanaf het moment dat hij vertrok uit Den Haag, maar dat terzijde. De helft van de dames stond op om uitgebreid giechelend afscheid te nemen van 'de meiden' (gemiddelde leeftijd zestig zonnebanklentes jong). De trein stopte, en mijn ik verwachtte verlost te zijn van deze groep mensen. Helaas, het mocht niet zo zijn. Na een minuut stilgestaan te hebben kwam het hoofd een van de dames door de deur, "hoe werkt de deur dames?"
Behalve dat ik nu mijn hoop op een rustig verloop van de reis kon laten varen, had ik het genoegen om de make-updozen vriendelijk doch gepast gematigd uit te lachen. Want de trein was weer gaan rijden, en ze waren nog aan boord. Blijkbaar was de opgave om op één van de twee knoppen naast de deur te drukken te zwaar gebleken, ookal bevonden er zich zes zieltjes voor de deur.

Ik wachtte op de bus. De tweede keer in een weekend dat ik de laatste bus naar huis nam, en volgens mij de derde of vierde keer in mijn leven.
Eigenlijk houd ik er niet zo van om de laatst mogelijk kans te pakken. Maar voor deze gelegenheid maakte ik graag een uitzondering, en dat is een goede keuze geweest. Volgens mij had ik het jaar bijna niet mooier af kunnen sluiten.
En zowel, dan is dat misschien het begin van het volgende jaar.

--

Via deze weg wens ik iedereen een gelukkig nieuwjaar.
Heeft iemand nog iets te doen trouwens? Ik zit het grootste deel van de avond alleen thuis oliebollen te eten. Haha.

zaterdag 29 december 2007

Ziek maar beter

Vroeger, toen mijn ouders me nog naar bed stuurden, bleef ik altijd zo lang mogelijk wakker liggen. Ik weet niet of dat rebellie is of gewoon nieuwsgierigheid. Of misschien allebei.
Het doel ervan leek altijd te zijn om naar de klok te kunnen kijken. Wat gebeurt er na 23:59? Zou de klok zich vergissen en per ongeluk 24:00 aangeven? Natuurlijk, toen ik dat moment eenmaal had meegemaakt ging ik uitkijken naar 0:12, 1:23, enzovoorts.
Gister was ik niet thuis. De dag was leuk maar vermoeiend, en de verkoudheid leek me eindelijk te pakken te hebben. Ik had de laatste trein met een aansluiting op de laatste bus naar huis ternauwernood gehaald, maar ik had de halve stad door moeten rennen, dus ik was kapot. Ik voelde me ziek en ellendig.
Het station was net als de trein rustig en stil. Er hingen een paar opgeschoten stoere hiphoppers rond onder het afdak naast de kiosk, tegenover de halte waar ik was gaan zitten. Een eenzame krant waaide langs, door het licht van de lantaarnpaal. Het was een perfecte filmlokatie voor een romantische scene, maar er waren geen acteurs. En ik voelde me ziek.

Toen ik thuis kwam was het binnen donker, iedereen lag al op bed, maar niet te slapen. Blijkbaar ben ik erg stil binnengekomen want mijn medebewoners hebben me niet gehoord. Mijn bed was gelukkig opgemaakt, ik was bang dat ik dat nog moest gaan doen. Ik had er niet op gerekend dat ik zo laat thuis zou zijn dus die noodzaak was er niet geweest toen ik wegging.

--

En nu heb ik geslapen. Ik ben wakker en gelukkig. Niet meer ziek, of tenminste niet meer zo erg als ik me gister voelde.
Wat er ook kan gebeuren, ik ga het beste eruit halen.

Ze weet me nog steeds te verassen. Ze kent mij misschien wel beter dan ikzelf, en ik vertrouw haar.
Maar dat weet ze ongetwijveld al.

--

Het stof in de zon lijkt te bewegen door de lucht als een school vissen in de oceaan.
Het leven is wonderlijk en gaaf.

zaterdag 22 december 2007

Prekerst-zaterdag

Het is bijna kerst, en dus moet er weer gewinkeld worden om de kapitalistische commercie de honger te stillen. Eigenlijk wilde ik alleen kerstlampjes om mijn kamer wat op te fleuren, want voor de commercie doe ik het niet.
Wel voor de gezelligheid, en daar was T (dan klinkt het mysterieuzer) de eerste keus voor.

Om tien uur des ochtends bevond ik mij reeds in een bus, het schijnt op dat moment rond -10 graden te zijn geweest. Voor mijn gevoel was het 'gewoon' 0 graden, omdat ik koude temperatuur alleen gewend ben op de fiets in de wind. Natuurlijk had ik daarom ook geen sjaal mee, een dramatische vergissing.
Gelukkig werkt T ook bijzonder goed als verwarming, hoewel zij zelf het meest stond te bibberen.

In de bus bevond zich weer een tienermoeder. Er reden twee buslijnen praktisch dezelfde route, alleen zat de eerste vol met capuchon-en-makeup-hangjeugd dus ik koos voor de tweede. De geblonderde jonge moeder had blijkbaar ook voorkeur voor mijn bus, ookal zou ze volgens mij prima zijn geblend tussen het jeugdige volk. En anders haar kindertjes. Ik kan niet bevatten dat zulke mensen niet kunnen begrijpen dat mensen last hebben van schreeuwende kinderen die snoep willen. Of nog erger, als de moeder zelf ook begint te schreeuwen, wat natuurlijk niets helpt tegen zo'n kind die dat gewend is.

Het contrast met het jonge gezin in de trein op de terugweg kon haast niet groter zijn. De ouders, rond de vijfendertig beiden gingen gekleed in 'normale', niet extreem trendy of enorm jaren negentig-kleding. Hun twee zoontjes waren rustig en leuk. Ze schreeuwden niet, en als ze enthousiast met elkaar praten keken ze schuldig om zich heen als ze iets te hard lachten of een vies woord zeiden.
Maar het mooiste was, toen ze hun boeken gingen lezen. Wat lezen kinderen van 3 to 5? Die lezen niet zoveel, ze kijken naar de plaatjes op tv. Maar deze kindertjes hadden beiden een eigen exemplaar van een Vogelgids van Europa voor de jeugd.
Met zulke kinderen kan het toch al niet meer misgaan? Mijn biologie-hart begon sneller te kloppen bij de gedachten dat ik zelf ooit kinderen zou hebben die mij kwamen vertellen dat ze een groene specht hadden gezien.

Mijn dag was goed.
En, naar het schijnt; ik ben lief. Wie had dat gedacht!
Mijn dag kan niet meer stuk.

dinsdag 18 december 2007

Zomerzon - gedachtenspinsel.

Ze liepen door de zonnige stad. Ze waren in contrast met de mensen, ookal droegen ze geen extreem opvallende kleding. Het was hun uitstraling die ze afzonderde van de massa, gelukkig en niet onderworpen aan de sociale druk waar de meeste mensen onder lijden.
Hun leven draait om elkaar, werk is slechts een manier om tijd op te vullen, ookal deden ze dat liever met elkaar.

Hij was moe van het staan, en ging zitten op het pleintje voor de kade. Hier vandaan had hij overzicht op het water met de schepen, de mensen van de schepen, en de mensen die haastig langsliepen om zich maar niet af te hoeven vragen waarom hij niet gewoon op een bankje ging zitten.

Zij ging naast hem zitten, maar bedacht zich en trok haar schoenen uit.
"Kom, we gaan naar het water."

--
Wordt vervolgd.

vrijdag 14 december 2007

Cortisol en G6PDH

School is best leuk. Alleen jammer dat het soms zo ongelovelijk stressen is, bah. Ik moet een verslag maken over een prakticum, en het is niet moeilijk maar het kost me zo veel tijd terwijl ik andere dingen wil doen dan de Materiaal en Methode van "Zuivering en activiteitsbepaling van Glucose-6-fosfaat dehydrogenase uit een hemolysaat van runderbloed" uitwerken.

Oke, misschien ben ik soms wat laks, wat op deze school niet meer werkt omdat ik volgens mij nu toch op mijn eigen niveau werk en dus wel wat moeite moet doen.
Maar dat wil toch niet zeggen dat ik een heel weekend bezig moet zijn? Meh. (Ik weet het, dat is wèl de bedoeling.)

Ik had nu veel liever in een alternatief café gezeten, maar helaas.

En mijn rijles van vanochtend.. Ik ben nu onzeker over mijn rijkunsten, terwijl ik een maand geleden zeker wist dat ik het in één keer zou halen.

Morgen ga ik de hele dag een boek lezen, en kerstkaarten schrijven, en lampjes ophangen. Ik heb zin in de vakantie!

dinsdag 11 december 2007

Gedaan

Wat heb ik vandaag allemaal gedaan?
Te weinig. Ik had een verslag in ieder geval bijna af moeten krijgen, ik ben nog niet eens op een kwart, ookal weet ik wel wat er nog allemaal in moet. Ik kan me er niet toe zetten het te doen, ik laat me steeds afleiden.

Ik heb 20 bladzijden uit mijn boek gelezen, maar zometeen volgen er meer.

Mijn verwarde hoofd doet weer eens lastig. Blijkbaar heb ik iets waardoor ik afspraken van anderen altijd vergeet. Mijn eigen afspraken vergeet ik bijna nooit, en ik ben nooit te laat. Maar als iemand tegen me zegt wat hij gaat doen volgende weer woendag om kwart voor zes 's avonds.. Dat vergeet ik geheid.
Sommige mensen vergeten altijd hun sleutels, iedere dag weer. Anderen vergeten consequent hun wekker te zetten. Ik vergeet wat andere mensen gaan doen.
Dat is heel vervelend, want het lijkt alsof ik niet geinteresseert ben, omdat ik het toch vaak vergeet. Terwijl dit verschijnsel juist naar voren komt bij de mensen waar ik wel in ben geinteresseert, anders zou ik niet eens willen weten wat ze allemaal gaan doen.

Wat kan ik er tegen doen? Opschrijven werkt niet. Ik vergeet het alsnog, en altijd een briefje meenemen met andermans afspraken komt nog raarder over dan het vergeten.

But I'm just a soul whose intentions are good
Oh Lord, please don't let me be misunderstood

maandag 10 december 2007

Maandag 1

Vandaag was het maandag.
De meeste mensen hebben een hekel aan maandag. De eerste dag na het vermoeiende weekend, en dan direct weer school, werk.. Ik voelde me vandaag juist donderdag. Ik weet niet waarom, want ik had ook een vermoeiend weekend.

Vrijdagmiddag na school (14:00) heerlijk door de regen gefietst. Ik had in de trein kunnen zitten om naar Ver Weg te gaan, maar dat bleek niet praktisch, want Ver Weg duurde ook Erg Lang om te komen. Dus het werd de fiets, en het weer zat niet mee.
Zaterdag, niets gedaan wat ik had gepland. Mijn kamer is nog steeds een troep, ik heb nog steeds mijn nieuwe boek niet uitgelezen. Maar, ik heb wel de film die ik met de feestdag der dagen heb gekregen, geruild. De vrouw achter de kassa had namelijk de CD met het nummer op de dvdhoes gepakt, waardoor ik onaangenaam verrast was met Billy Ocean - Love really hurts without you, in plaats van de alternatieve sciencefictionfilm Nirvana.

Zondag, gisteren, was het hoogtepunt van mijn weekend.
10:45 vertrek te voet naar de bushalte; aankomst 10:55
10:58 vertrek met de bus naar station Groningen; aankomst 11:20, uitzonderlijk snel.
11:44 vertrek met de trein naar utrecht; aankomst 13:40.
Rest van de dag: rondlopen in Hoog Catherijne met T, want daar waren de winkels open. Ik heb een nieuw vest gekocht, ik voel me een nieuw mens.
18:58 vertrek vanaf bushalte naar huis, te voet; aankomst 19:10.


En dan nu een stukje nostalgie.

zondag 9 december 2007

Orthodroom

Ik sliep vanacht.
Door een onvoorziene gebeurtenis gedurende deze activiteit werd ik gewekt, maar niet plotseling. Ik doormaakte een deel REM-slaap, en toen ik wakker werd wist ik welliswaar niet waarom ik bij bewustzijn was geraakt, maar ik wist wel: ik had gedroomd.

Hoera. Dit is inderdaad een heuglijk feit, want te vaak herinner ik mij mijn dromen niet meer, waardoor ik het gevoel heb dat mijn creativiteit niet al te best (meer) is. Opzich is dit denk ik sowieso een foute gedachte, want als ik mij niet bewust ben van mijn dromen heb ik blijkbaar al mijn ervaringen succes verwerkt tot glorieuze nieuwe synapsen en andere fratsen. (Hohoho, wat een rijm in deze decembermaand.)

Maar natuurlijk zal ik vertellen waar ik over droomde. Uiteraard herinner ik mij slechts een bijzonder klein gedeelte, maar daarom niet minder mysterieus. Ik droomde, over mijn gebit.
Ik heb een beugel gehad, zoals zoveel arme kindertjes tegenwoordig. Daarbij is mijn ondergebit blijkbaar veranderd, ookal zat daar volgens mij niet veel in scheef. Maar nu wel. Want na het verwijderen van de beugel heb ik altijd braaf mijn nachtbeugel gedragen, tot 1,5 jaar na die tijd. En nog is er één rebelse ondertand die besluit om zich weg te laten drukken.
In mijn droom was de bewuste tand zich dramatisch aan het verplaatsen, op het momen dat ik in de spiegel keek was hij al halverwege onder mijn tong geglipt.
Nog mooier was het, dat ik hem heen en weer kon schuiven, alsof mijn mond niet steviger was dan een bakje vleeskleurige vla met aardbeiensaus.

Zal ik ook nog vertellen over mijn droom van een paar dagen eerder? Toen werd ik in een teletubbielandschap aangevallen door een witte en een bruine reuzenpaddestoel, terwijl ik een missie in naam van Harry Potter moest vervullen. (Ik kan er ook niets aan doen, het was maar een droom.)
Ach, dat komt later wel, of ik vergeet het gewoon zodat ik het ooit opnieuw kan dromen. 

zaterdag 8 december 2007

Assen, station Assen.

Wat is een betere openingspost dan een treinreis.

Vanaf de zitplaats met mijn rug tegen de scheidingswand halverwege het treinstel ( [stilte] [silence] volgens de stickers op het raam), bestudeerde ik mijn sociale omgeving voor het komende uur:

De meest opvallende verschijning was het meisje/de vrouw die op de eerste de beste stoel was gaan zitten die ze was tegengekomen na binnenkomst van de trein. Aan haar zijde, een schattig jongetje van een jaar of drie en een half.
Voor de de vrouw zat een man van een jaar of 60. Hij was vergeetachtig, want hij had drie pogingen nodig om zijn tas op het bagagerek te leggen en zich vervolgens te bedenken dat hij er nog iets uit nodig had.
Ter opvulling van de lege rijen, uiteraard een paar vrouwen van middelbare leeftijd, met vreemde moderne kleren waarvan ze waarschijnlijk zelf ook getwijveld hebben of het nou mode was of gewoon troep. (Ze realiseerden zich waarschijnlijk niet dat de overeenkomsten groot zijn.)


De jonge vrouw was van het type 'veel makeup, oorbellen, een neuspiercing en een jas met nepbontkraag, en ik ben helemaal mooi'. Die truc werkte echter niet, het maakte haar alleen maar herkenbaar als stereotype dom meisje dat niet na heeft gedacht over de essentie van het leven; en waarom zij het leven misschien beter niet zo jong had kunnen schenken aan haar zoontje.
"Mama, deze trein is wel groot hè?" vroeg het jongetje zich af, zich duidelijk bewuster van zijn omgeving dan zijn moeder. "Ja nou, doe nou maar eens rustig en houd je klep dicht", dat vond zij ervan.
Op deze toon ging de conversatie door, tot het punt dat ze begon te schreeuwen tegen het kind omdat hij zich niet af mocht vragen waarom de bladeren van de bomen afgevallen waren.
Wat zou er nou van zo'n jongen worden? De hele manier van doen van de moeder wees er voor mijn gevoel op dat zij zelf vroeger zo behandeld werd, en dat ze dit blijkbaar normaal vond, ookal zou ze waarschijnlijk zeggen dat ze een verschrikkelijk jeugd heeft gehad.
Misschien wordt de jongen net zo, schreeuw hij later tegen zijn kinderen. Als hij zijn nageslacht ooit ziet voordat hij de moeder(s) ervan voor het laatst heeft uitgescholden en wegreed naar de kroeg om nooit meer terug te komen.

Maar misschien was deze jongen een uitzondering, misschien beseft deze jongen dat zijn moeder een uitzondering is, en dat hij kan leren van de dingen die hij zelf (onbewust?) als kind heeft ervaren. Misschien wacht hij tot hij de liefde van zijn leven gevonden heeft, waarvan hij weet dat hij vanaf het moment dat hij haar voor het eerst zag, hij haar nooit meer uit het oog wil verliezen. Om samen drie allerschattigste kindjes groot te brengen, en ze meenemen in de trein met als enige doel om het land door te reizen en de ontdekkingswoede van de kinderen te stimuleren. Hij zal al hun vragen beantwoorden. De trein is inderdaad erg lang, misschien wel honderd kilometer. De bomen laten hun bladeren vallen omdat ze kostbaar water verliezen wat ze niet terug op kunnen nemen omdat de grond bevroren is. De kleuren van het blad veranderen door de onttrekking van voedingsstoffen uit het blad, en de afbraak van bladgroen.

Wie weet, misschien wordt het zelfs wel een wetenschapper of artiest.