Groningen is een vervelende fietsstad. Een koude, natte en onhandige stad. Ik ben hopeloos verdwaald vanochtend en zonder vriendelijke medemensen was ik misschien omgekeerd en naar huis gegaan.
Deze week loop ik snuffelstage bij de afdeling Evolutionary Genetics van de Rijksuniversiteit Groningen. Omdat deze stageplaats niet mijn eerste keus was, had ik er ook niet bijzonder op gelet dat deze afdeling in Haren gevestigt is. Niet in Groningen, zoals alle andere afdelingen van de RUG, en die ik allemaal makkelijk kan vinden.
Dus ik ging gisterochtend vol goede moed op pad, zoals altijd met de fiets. Haren is onbekend terrein voor me, maar ik had een de meest simpele route uitgestippeld. Dus zo vond ik het gebouw makkelijk, en nog binnen mijn ingeschatte tijd van anderhalf uur ook.
Vanochtend kende ik de weg natuurlijk, met mijn overschatte mannelijke richtingsgevoel. Het beginstuk is makkelijk en heb ik al honderden keren gereden, dus pakweg de eerste 5 stoplichten doe ik zonder na te denken. Daarna moet ik even opletten, want dan zit ik in het centrum en tussen de vervelende studenten die je overal inhalen waar het eigenlijk niet kan. Gelukkig is mijn route simpel. Steeds rechtdoor bij de stoplichten en dan ergens rechts, denk ik nog. Totdat de weg opeens een knik heeft die hij gister nog niet had. Blijkt dat ik toch een stoplichtje te ver gereden ben, en daar begint de ellende. Even een straatje doorsteken om terug op de route te komen blijkt een averechts effect te hebben, en na een volgend bochtje ben ik zo hopeloos verdwaald dat als ik recht achteruit ga, ik zelfs niet meer uitkom waar ik vandaan kwam.
Hoe kan een stad zo onlogisch ingedeeld zijn! Zo'n trucje werkt toch overal?
Maar misschien ligt het toch aan mijzelf, morgen zal ik toch maar wat beter opletten waar ik afsla en waar ik door blijf rijden..
Uiteindelijk kwam ik trouwens nog net op tijd aan op stage, dus ik heb er geen minpunten mee gescoord. Alleen nog jammer dat ik Evolutionaire genetica niet zo heel interessant vind dat ik er de rest van mijn leven aan wil wijden.
dinsdag 18 november 2008
maandag 6 oktober 2008
Herfstdingen
Na de afgelopen week waarin, ik voor het eerst dit jaar iedere dag (tot drie kleding-eenheden diep) zeiknat geworden ben, lijkt het me duidelijk dat de herfst is begonnen. En dat betekenend dat ik het kastje met sjaals, handsschoenen en mutsen weer ingedoken ben.
Onderop de stapel lag een sjaal die ik 10 jaar geleden al had afgedankt vanwege inmense lelijkheid. Geen mens zou zoiets bewaren denk ik, maar gelukkig bewaard mijn moeder zulke dingen dan toch altijd gewoon. (Ik heb wel eens het gevoel dat hoe harder ik vroeger zei dat ik iets niet mooi vond, hoe liever ze het wilde bewaren.)
En daar heeft ze een goede beslissing mee genomen, want de sjaal is na die 10 stoffige jaren in de kast ineens heel gaaf geworden! Uniek en retro, dus precies iets voor mij. Hoewel ik twijvel of retro het juiste woord is, want het lijkt me geen artikel dat ooit slachtoffer is geweest van een modehype. Hoe dan ook, ik ga morgen met een warme nek naar school.
En nu ga ik slapen, want morgen wordt weer een lange dag.
Onderop de stapel lag een sjaal die ik 10 jaar geleden al had afgedankt vanwege inmense lelijkheid. Geen mens zou zoiets bewaren denk ik, maar gelukkig bewaard mijn moeder zulke dingen dan toch altijd gewoon. (Ik heb wel eens het gevoel dat hoe harder ik vroeger zei dat ik iets niet mooi vond, hoe liever ze het wilde bewaren.)
En daar heeft ze een goede beslissing mee genomen, want de sjaal is na die 10 stoffige jaren in de kast ineens heel gaaf geworden! Uniek en retro, dus precies iets voor mij. Hoewel ik twijvel of retro het juiste woord is, want het lijkt me geen artikel dat ooit slachtoffer is geweest van een modehype. Hoe dan ook, ik ga morgen met een warme nek naar school.
En nu ga ik slapen, want morgen wordt weer een lange dag.
Herfstart
Ik was een tijdje weg, zoals je misschien hebt gemerkt. Niet dat er niets is gebeurt, ik had het gewoon druk met school en alle weekenden was ik volgeboekt.
Dat alles vind ik overigens een heerlijke manier om mijn tijd door te komen, met lieve vriendin dingen doen en zien.
Op dit moment zit ik in mijn bed te typen. Wie de indeling van mijn kamer kent (en de plaatsing van kabels en aansluitingen) weet dat dit alleen mogelijk is als ik a) mijn netwerkkabel dwars door de kamer heb hangen, of b) Linux draadloze trucjes geleerd heb.
Afgelopen weekend heb ik het eindelijk voor elkaar gekregen om Linux mijn netwerkkaart te laten herkennen en alle instellingen gelijk te stellen aan de vereisten van mijn router om verbinding te krijgen.
Dus nu is mijn laptop weer een stapje dichterbij mijn visie van het perfecte systeem voor mij, hoera! Enige overgebleven puntjes zijn de herkenning van mijn webcam (ID 277O:9120, iemand tips?) en het af kunnen spelen van al mijn dvd's.
Jammer genoeg zijn dit nog vrij lastige dingen om even snel op te lossen, aangezien alle drivers alleen gericht zijn op Windows. Misschien moet ik dan toch maar een keer een webcam gaan kopen, in plaats van wanhopig vast te houden aan het ouwe kreng dat ik nu heb, en die ik overigens nog gratis gekregen heb ook.
Maar misschien moet ik eerst maar leren omgaan met het toetsenbord van mn laptop, zonder steeds met mijn duim op het mousepad te komen en dan de weg helemaal kwijt te raken..
Dat alles vind ik overigens een heerlijke manier om mijn tijd door te komen, met lieve vriendin dingen doen en zien.
Op dit moment zit ik in mijn bed te typen. Wie de indeling van mijn kamer kent (en de plaatsing van kabels en aansluitingen) weet dat dit alleen mogelijk is als ik a) mijn netwerkkabel dwars door de kamer heb hangen, of b) Linux draadloze trucjes geleerd heb.
Afgelopen weekend heb ik het eindelijk voor elkaar gekregen om Linux mijn netwerkkaart te laten herkennen en alle instellingen gelijk te stellen aan de vereisten van mijn router om verbinding te krijgen.
Dus nu is mijn laptop weer een stapje dichterbij mijn visie van het perfecte systeem voor mij, hoera! Enige overgebleven puntjes zijn de herkenning van mijn webcam (ID 277O:9120, iemand tips?) en het af kunnen spelen van al mijn dvd's.
Jammer genoeg zijn dit nog vrij lastige dingen om even snel op te lossen, aangezien alle drivers alleen gericht zijn op Windows. Misschien moet ik dan toch maar een keer een webcam gaan kopen, in plaats van wanhopig vast te houden aan het ouwe kreng dat ik nu heb, en die ik overigens nog gratis gekregen heb ook.
Maar misschien moet ik eerst maar leren omgaan met het toetsenbord van mn laptop, zonder steeds met mijn duim op het mousepad te komen en dan de weg helemaal kwijt te raken..
zondag 30 maart 2008
Train-sailing to Philadelphia
Omdat ik vanaf nu fijne lenteherinneringen heb aan dit nummer.
<3
PS: Excuseer voor de lange stilte tussen dit bericht en het vorige. Ik zal de draad weer oppakken.
<3
PS: Excuseer voor de lange stilte tussen dit bericht en het vorige. Ik zal de draad weer oppakken.
zaterdag 23 februari 2008
Neus
Dit weekend is weer een periode in beweging. Van hot naar her, enzo.
Als ik in de trein zit heb ik vaak - net als op de fiets - mijn meest creatieve ideeën. Helaas denk ik altijd dat ik ze wel kan onthouden, wat natuurlijk nooit zo is.
Er zat een wat oudere meneer in de trein. Die zitten er wel vaker, zo niet altíjd wel ergens. Deze oudere meneer had echter een vermogen waar ik nog niet eerder getuige van heb mogen zijn. Hij wist zijn neus tussen de deuren te krijgen.
Die hendel als handvat voor de deur, die schijnt moeilijk te zijn voor mensen die niet of nauwelijk met de trein reizen. Maar deze man deed geen poging de deur terug open te duwen toen deze hem omhelsde zoals de meeste mensen doen, hij liet zich makkelijk maar erg verbaast wegduwen. Zijn armen werden naar buiten gewerkt, zijn schouders werden weggeduwd. Zijn bril zorgde voor een minieme vertraging maar kon niet voorkomen dat ook zijn hoofd naar het in/uitstapgedeelte van het treinstel werd geduwd. Behalve zijn neus. Natuurlijk nog wel bevestigd aan zijn lichaam. (Inderdaad natuurlijk, want als zijn neus losliet lijkt me dat vrij onnatuurlijk) Maar zijn neus bleef toch daadwerkelijk klem zitten tussen de deuren.
En vriendelijke medepassagier verloste hem gelukkig, want zo'n situatie is natuurlijk niet fijn als je je oud en gebrekig voelt en dan vast blijft zitten tussen de deur. Met je neus.
Echter, deze situatie deed me realiseren dat ik onbewust mijn neus ook in heel wat zaken steek.
De meeste ben ik vergeten natuurlijk, zoals ik reeds vermelde omdat ik ze niet op heb geschreven. Maar gister staat nog redelijk vers in mijn geheugen.
Het was een niet-zo-heel-erg gure winderige nacht op het busstation, ik stond te wachten op mijn bus. Over 10 minuten zou hij vertrekken. Naast me was net een meisje komen staan; felgele jas en zijzelf niet groot van formaat. Dat was ongeveer het enige opvallende aan haar, haar gedrag leek normaal en niet bezopen zoals andere mensen op het station twijvelachtig probeerden te verbergen of juist te overdrijven. Ik lette niet in het bijzonder op haar. Maar toen! Uit het niets, een onzichtbare windvlaag, of was het een golf van lichamelijke ongehoorzaamheid? Wat dan ook, ze viel neer. Maar niet gewoon neervallen, nee. Ze storte. Recht als een plank, met haar handen langs haar lichaam en haar gezicht naar de snel naderende grond, tot ze met een harde bonk/plof neerkwam op de tegels. Geen stuiptrekkingen of wat dan ook, ze viel gewoon om, zonder zich op te vangen en bleef liggen zoals ze lag.
Mensen keken naar elkaar, maar ik was de enige die naar haar toeliep om te kijken of ze bij bewustzijn was. Ze ademde, dus ik hoefde mijn reanimatiecursus gelukkig niet in de praktijk te brengen. Het leek alsof ze was flauwgevallen, maar toen ik en de andere mensen die inmiddels om haar heen stonden haar op haar zij legde, stroomde er een beetje bloed uit haar mondhoek. Haar ogen trilden achter haar bijna gesloten oogleden.
En toen ineens schoten haar ogen open, en ze sprong direct omhoog terwijl ze zei dat alles goed was. Ze had alleen "te weinig gegeten". Maar mensen waar alles goed mee is storten niet spontaan ter aarde waarbij ze hun lippen tot een bloedende massa verpletten, dus we lieten haar liggen tot ze mijn witte chocolade paaseitjes op had en de bus er aan kwam. Gelukkig moest ze dezelfde bus hebben als ik, dus ik kon haar een beetje in de gaten houden ookal zou een van de omstanders meelopen tot haar huis.
Dus paaseitjes zijn handig om in handbereik in je jaszak te hebben.
Alleen dacht de dakloze man die mij vandaag op het station aansprak daar niet zo over. Hij vroeg om geld, of ik mocht natuurlijk ook direct een maaltijd voor hem kopen. Geld had ik niet bij me, en normaal zou ik het daarbij gelaten hebben. Alleen de vriendelijke manier waarop hij de vraag stelde deed me bedenken dat ik nog wat eitjes over had, die mocht hij wel hebben.
Vloekend en scheldend liep hij weg, toen ik mijn hand in mijn jaszak stak om ze te pakken.
Dan niet, zwerver, dan niet. Vraag er dan niet om.
En nu luister ik naar mijn nieuwe aanwinsten voor mijn cd-collectie. Dat wil zeggen, mijn mandarijnenkistje met cd's dat langzaam voller komt te zitten. Stone Gossard en The Low Lows komen er nu bij. Uiteraard op coverart uitgezocht, en het bleken hele goede keuzes te zijn.
Waarbij ik naar T. moet verontschuldigen, en moet vermelden dat zij mijn smaak beter ziet dan ikzelf, want haar keuze was beter dan de mijne waarschijnlijk zou zijn geweest.
Heerlijke muziek, ik hou van onbekende bandjesmuziek die verborgen talenten blijken te verbergen.
Trouwens, mijn internet doet het weer na een week van sociaal-digitaal isolement.
Als ik in de trein zit heb ik vaak - net als op de fiets - mijn meest creatieve ideeën. Helaas denk ik altijd dat ik ze wel kan onthouden, wat natuurlijk nooit zo is.
Er zat een wat oudere meneer in de trein. Die zitten er wel vaker, zo niet altíjd wel ergens. Deze oudere meneer had echter een vermogen waar ik nog niet eerder getuige van heb mogen zijn. Hij wist zijn neus tussen de deuren te krijgen.
Die hendel als handvat voor de deur, die schijnt moeilijk te zijn voor mensen die niet of nauwelijk met de trein reizen. Maar deze man deed geen poging de deur terug open te duwen toen deze hem omhelsde zoals de meeste mensen doen, hij liet zich makkelijk maar erg verbaast wegduwen. Zijn armen werden naar buiten gewerkt, zijn schouders werden weggeduwd. Zijn bril zorgde voor een minieme vertraging maar kon niet voorkomen dat ook zijn hoofd naar het in/uitstapgedeelte van het treinstel werd geduwd. Behalve zijn neus. Natuurlijk nog wel bevestigd aan zijn lichaam. (Inderdaad natuurlijk, want als zijn neus losliet lijkt me dat vrij onnatuurlijk) Maar zijn neus bleef toch daadwerkelijk klem zitten tussen de deuren.
En vriendelijke medepassagier verloste hem gelukkig, want zo'n situatie is natuurlijk niet fijn als je je oud en gebrekig voelt en dan vast blijft zitten tussen de deur. Met je neus.
Echter, deze situatie deed me realiseren dat ik onbewust mijn neus ook in heel wat zaken steek.
De meeste ben ik vergeten natuurlijk, zoals ik reeds vermelde omdat ik ze niet op heb geschreven. Maar gister staat nog redelijk vers in mijn geheugen.
Het was een niet-zo-heel-erg gure winderige nacht op het busstation, ik stond te wachten op mijn bus. Over 10 minuten zou hij vertrekken. Naast me was net een meisje komen staan; felgele jas en zijzelf niet groot van formaat. Dat was ongeveer het enige opvallende aan haar, haar gedrag leek normaal en niet bezopen zoals andere mensen op het station twijvelachtig probeerden te verbergen of juist te overdrijven. Ik lette niet in het bijzonder op haar. Maar toen! Uit het niets, een onzichtbare windvlaag, of was het een golf van lichamelijke ongehoorzaamheid? Wat dan ook, ze viel neer. Maar niet gewoon neervallen, nee. Ze storte. Recht als een plank, met haar handen langs haar lichaam en haar gezicht naar de snel naderende grond, tot ze met een harde bonk/plof neerkwam op de tegels. Geen stuiptrekkingen of wat dan ook, ze viel gewoon om, zonder zich op te vangen en bleef liggen zoals ze lag.
Mensen keken naar elkaar, maar ik was de enige die naar haar toeliep om te kijken of ze bij bewustzijn was. Ze ademde, dus ik hoefde mijn reanimatiecursus gelukkig niet in de praktijk te brengen. Het leek alsof ze was flauwgevallen, maar toen ik en de andere mensen die inmiddels om haar heen stonden haar op haar zij legde, stroomde er een beetje bloed uit haar mondhoek. Haar ogen trilden achter haar bijna gesloten oogleden.
En toen ineens schoten haar ogen open, en ze sprong direct omhoog terwijl ze zei dat alles goed was. Ze had alleen "te weinig gegeten". Maar mensen waar alles goed mee is storten niet spontaan ter aarde waarbij ze hun lippen tot een bloedende massa verpletten, dus we lieten haar liggen tot ze mijn witte chocolade paaseitjes op had en de bus er aan kwam. Gelukkig moest ze dezelfde bus hebben als ik, dus ik kon haar een beetje in de gaten houden ookal zou een van de omstanders meelopen tot haar huis.
Dus paaseitjes zijn handig om in handbereik in je jaszak te hebben.
Alleen dacht de dakloze man die mij vandaag op het station aansprak daar niet zo over. Hij vroeg om geld, of ik mocht natuurlijk ook direct een maaltijd voor hem kopen. Geld had ik niet bij me, en normaal zou ik het daarbij gelaten hebben. Alleen de vriendelijke manier waarop hij de vraag stelde deed me bedenken dat ik nog wat eitjes over had, die mocht hij wel hebben.
Vloekend en scheldend liep hij weg, toen ik mijn hand in mijn jaszak stak om ze te pakken.
Dan niet, zwerver, dan niet. Vraag er dan niet om.
En nu luister ik naar mijn nieuwe aanwinsten voor mijn cd-collectie. Dat wil zeggen, mijn mandarijnenkistje met cd's dat langzaam voller komt te zitten. Stone Gossard en The Low Lows komen er nu bij. Uiteraard op coverart uitgezocht, en het bleken hele goede keuzes te zijn.
Waarbij ik naar T. moet verontschuldigen, en moet vermelden dat zij mijn smaak beter ziet dan ikzelf, want haar keuze was beter dan de mijne waarschijnlijk zou zijn geweest.
Heerlijke muziek, ik hou van onbekende bandjesmuziek die verborgen talenten blijken te verbergen.
Trouwens, mijn internet doet het weer na een week van sociaal-digitaal isolement.
woensdag 13 februari 2008
Midweek
De zon scheen, en ik zat zonder jas op de fiets. Ik reed door de stad, maar op dat stuk was ik niet bekend. Haar tas zat vastgebonden aan het rekje op het stuur, en ik voelde een hand op mijn zij.
Als ik aan de zomer denk, denk ik aan fietsen met haar achterop. En in het park zitten, liggen en lachen. Last hebben van de warme zon in je ogen.
We zaten weer op de fiets, en ik bedacht me dat ze mijn gedachten weer had gelezen toen ze me vanaf de bagagedrager van haar fiets naar het park leidde. Ik lachte half hardop, en ze kneep me zachtjes.
De wereld is mooi hoor. Vanonder een sjaal en een zomerhoed gezien.
Als ik aan de zomer denk, denk ik aan fietsen met haar achterop. En in het park zitten, liggen en lachen. Last hebben van de warme zon in je ogen.
We zaten weer op de fiets, en ik bedacht me dat ze mijn gedachten weer had gelezen toen ze me vanaf de bagagedrager van haar fiets naar het park leidde. Ik lachte half hardop, en ze kneep me zachtjes.
De wereld is mooi hoor. Vanonder een sjaal en een zomerhoed gezien.
zaterdag 2 februari 2008
Maatschappij, enzo.
Ik zat me laatst te bedenken. .. Eigenlijk heb ik een hekel aan geld. Ik spaar altijd, maar dat is omdat ik stiekem het systeem niet vertrouw. Of mezelf niet, misschien. (Ik ben mezelf nog aan het onderwerpen aan een persoonlijkheidsanalyse op dat punt, maar het schiet nog niet op.) Het gevoel dat je altijd afhankelijk bent van de maatschappij, voor de waarde van je geld. En afhankelijk van de maatschappij, om je geld aan uit te geven. Ik houd niet van afhankelijk zijn.
Misschien is dat waarom ik (onbewust) altijd spaar. Om te ontsnappen aan de kapitaalzucht van de maatschappij, zonder dat ik mezelf in de vingers snijd door al mijn geld weg te doen.
Het liefst zou ik (hoe hippie/new age) in een huisje in het bos wonen, zonder baan, maar met een eigen tuin om voedsel te verbouwen. En een schuurtje waar ik alles wat ik nodig heb zelf zou kunnen maken.
Maar, ik kan niet alles maken. En zodra je zoiets doet val je direct buiten de maatschappij en dat zie ik als een punt zonder weg terug.
--
Edit: (die woordkeuze van mij is ook echt dramatisch)
Maar ik ben tot bezinning gekomen. Waarom zou ik me zo afzetten als ik het mezelf er zo moeilijk mee maak? Dus nu doe ik dingen. Café's zijn gezellig, bioscoopfilms zijn gaaf en zwemmen is geweldig! Ik twijvel er niet meer over of ik daar geld voor over heb, want dat heb ik. En zo ga ik door. Ik doe dingen, ik leef.
(Maar carnaval.. Het spijt me voor diegenen die zich daar wat van aantrekken, maar carnaval blijf ik stom vinden, en daar doe ik niet aan mee.)
Misschien is dat waarom ik (onbewust) altijd spaar. Om te ontsnappen aan de kapitaalzucht van de maatschappij, zonder dat ik mezelf in de vingers snijd door al mijn geld weg te doen.
Het liefst zou ik (hoe hippie/new age) in een huisje in het bos wonen, zonder baan, maar met een eigen tuin om voedsel te verbouwen. En een schuurtje waar ik alles wat ik nodig heb zelf zou kunnen maken.
Maar, ik kan niet alles maken. En zodra je zoiets doet val je direct buiten de maatschappij en dat zie ik als een punt zonder weg terug.
--
Edit: (die woordkeuze van mij is ook echt dramatisch)
Maar ik ben tot bezinning gekomen. Waarom zou ik me zo afzetten als ik het mezelf er zo moeilijk mee maak? Dus nu doe ik dingen. Café's zijn gezellig, bioscoopfilms zijn gaaf en zwemmen is geweldig! Ik twijvel er niet meer over of ik daar geld voor over heb, want dat heb ik. En zo ga ik door. Ik doe dingen, ik leef.
(Maar carnaval.. Het spijt me voor diegenen die zich daar wat van aantrekken, maar carnaval blijf ik stom vinden, en daar doe ik niet aan mee.)
maandag 21 januari 2008
Tentamen, dag 1
Opgestaan en weer in slaap gevallen. Tegen mijn zin in de eis van de wekker ingewilligd en mijn aantekeningen gezocht. Binnen een uur alle formules van biomethoden 1 uit het vorige kwartaal op mijn formuleblad samen te vatten, en daarbij snel het gebruik ervan proberen te bevatten.
Door de miezerende regen naar school, een regenbroek was niet nodig. Natuurlijk kwam ik er achter dat dat een onjuiste gedachte was op het moment dat ik al zeiknat was en dus net zo goed door kon fietsen.
Op school, het lokaal is nog erg leeg. Blijkbaar heeft iedereen (want bijna niemand had de originele toets gehaald dus iedereen moet herkansen) besloten dat ze volgend jaar wel gaan studeren hiervoor.
Ik merk op dat mijn pasgekochte oorring weg is. (ja vriendjes en vriendinnetjes, een oorring bovenin mijn oor. En dat is nog een idee van mijzelf ook.) Natuurlijk was de kans uiterst gering dat ik hem nog terug kon vinden, maar optimistisch dat ik was heb ik de hele weg die ik door school had afgelegd nog een keer gelopen. Zonder resultaat. Maar; op de terugweg, in een hoekje, vond ik hem toch nog!
Als een schooldag al zo begint moet een toets maken toch ook geen probleem zijn vond ik. En inderdaad was het tentamen makkelijker dan ik had verwacht, ik heb zelfs de stille hoop dat het een voldoende is. Maar dat wordt afwachten.
Daarna, op zoek naar een kapper. Maar ik ben kritisch. Dus ik zocht een goedkope, goede kapper, die bovendien niet al te ver van mijn route af moest liggen.
Ik vond drie kappers in Groningen. Eén in halverwege de twintig kilometer naar huis. En één in het centrum van het dorp. Al deze kapsalons (ook goedkope kappers hebben royal class-aanduidingen) hebben iets gemeen. Ze zijn allemaal dicht op maandag, en dat staat in kleine lettertjes onder de zwierige binnenlokkertjes zodat je het past ziet als je fiets al op slot staat en je de regen uit je haren schud voordat je de deurklink vastpakt. Zou er een kappers-CAO zijn dat zegt dat ze 's maandags dicht mogen (misschien moeten zelfs) zijn?
Uiteindelijk was ik doorweekt toen ik thuis kwam. Ik had ook nog nieuwe schoenen willen kopen, want mijn gympen zijn bijna meer gat dan zool. Niet ideaal met dit weer. Maar doordat ik al helemaal doorregent en koud was leek het me niet verstandig om schoenen te gaan passen.
Nu zal ik eens kijken of ik Biochemie en Statistiek onder controle heb.
Terwijl ik Enigma, Vangelis, Enya en Simon&Garfunkel luister.
Door de miezerende regen naar school, een regenbroek was niet nodig. Natuurlijk kwam ik er achter dat dat een onjuiste gedachte was op het moment dat ik al zeiknat was en dus net zo goed door kon fietsen.
Op school, het lokaal is nog erg leeg. Blijkbaar heeft iedereen (want bijna niemand had de originele toets gehaald dus iedereen moet herkansen) besloten dat ze volgend jaar wel gaan studeren hiervoor.
Ik merk op dat mijn pasgekochte oorring weg is. (ja vriendjes en vriendinnetjes, een oorring bovenin mijn oor. En dat is nog een idee van mijzelf ook.) Natuurlijk was de kans uiterst gering dat ik hem nog terug kon vinden, maar optimistisch dat ik was heb ik de hele weg die ik door school had afgelegd nog een keer gelopen. Zonder resultaat. Maar; op de terugweg, in een hoekje, vond ik hem toch nog!
Als een schooldag al zo begint moet een toets maken toch ook geen probleem zijn vond ik. En inderdaad was het tentamen makkelijker dan ik had verwacht, ik heb zelfs de stille hoop dat het een voldoende is. Maar dat wordt afwachten.
Daarna, op zoek naar een kapper. Maar ik ben kritisch. Dus ik zocht een goedkope, goede kapper, die bovendien niet al te ver van mijn route af moest liggen.
Ik vond drie kappers in Groningen. Eén in halverwege de twintig kilometer naar huis. En één in het centrum van het dorp. Al deze kapsalons (ook goedkope kappers hebben royal class-aanduidingen) hebben iets gemeen. Ze zijn allemaal dicht op maandag, en dat staat in kleine lettertjes onder de zwierige binnenlokkertjes zodat je het past ziet als je fiets al op slot staat en je de regen uit je haren schud voordat je de deurklink vastpakt. Zou er een kappers-CAO zijn dat zegt dat ze 's maandags dicht mogen (misschien moeten zelfs) zijn?
Uiteindelijk was ik doorweekt toen ik thuis kwam. Ik had ook nog nieuwe schoenen willen kopen, want mijn gympen zijn bijna meer gat dan zool. Niet ideaal met dit weer. Maar doordat ik al helemaal doorregent en koud was leek het me niet verstandig om schoenen te gaan passen.
Nu zal ik eens kijken of ik Biochemie en Statistiek onder controle heb.
Terwijl ik Enigma, Vangelis, Enya en Simon&Garfunkel luister.
zondag 20 januari 2008
Zachte winter
Ze zit in mijn hoofd. In mijn hoofd, in mijn gedachten. Maar ook in mijn hart. En nieren. Mijn hele bloedbaan is vervuld met hormonen, aangestuurd door haar aanwezigheid. Hoe ver ze ook is, ze is er altijd.
En ze zal er altijd zijn. Ze is al onuitwisbaar in mijn leven gegrift, in mijn ziel gekerft als een hart 100 jaar geleden in boomschors.
Nee, gekerft is niet het goede. Er is niets weggehakt. Is er iets bijgekomen dan? Misschien, ik weet het niet. Want ze is altijd al aanwezig geweest, ik moest haar alleen nog vinden. En nu heb ik haar.
Ik ben niet heel goed in het opschrijven van mijn gedachten. Maar ik weet wat is voel.
Mijn hart bloedt. Het bloed liefde, die als lava door mijn lichaam brandt. En dat is goed. Nee, dat is fantastisch. Mijn hoofd zweeft en mijn lichaam zweet.
Ze voelt alsof ze hetzelfde heeft. Ieder contact met haar legt een onzichtbare verbinding, en rivierdelta die geopend wordt en onze energieën stromen over naar elkaar. Het laadt me op, maakt me rustig. Houdt me aan de grond maar laat me vliegen.
De tijd klopt niet meer, het is één waas. Ben ik mijn gevoel voor realiteit verloren? Ben ik verblind en verdoofd? Of zie ik wat ik heb gewonnen, zie ik de mogelijkheden van de toekomst? Mogelijkheden die niet door realiteit zijn te bevatten, en waarschijnlijk door de mensheid wordt gezien als dwaasheid. Verliefdheid.
Maar nu zelfs een eerdere generatie (sterker nog, 2 generaties) hun goedkeuren hebben uitgesproken ben ik er van overtuigd dat het niet alleen mijn eigen beeld is dat zegt dat ze geweldig is. Geweldig in het algemeen, en voor mij. Voor ons, want ze is van mij, en ik van haar.
Ik blijf bij haar.
Heerlijk.
En ze zal er altijd zijn. Ze is al onuitwisbaar in mijn leven gegrift, in mijn ziel gekerft als een hart 100 jaar geleden in boomschors.
Nee, gekerft is niet het goede. Er is niets weggehakt. Is er iets bijgekomen dan? Misschien, ik weet het niet. Want ze is altijd al aanwezig geweest, ik moest haar alleen nog vinden. En nu heb ik haar.
Ik ben niet heel goed in het opschrijven van mijn gedachten. Maar ik weet wat is voel.
Mijn hart bloedt. Het bloed liefde, die als lava door mijn lichaam brandt. En dat is goed. Nee, dat is fantastisch. Mijn hoofd zweeft en mijn lichaam zweet.
Ze voelt alsof ze hetzelfde heeft. Ieder contact met haar legt een onzichtbare verbinding, en rivierdelta die geopend wordt en onze energieën stromen over naar elkaar. Het laadt me op, maakt me rustig. Houdt me aan de grond maar laat me vliegen.
De tijd klopt niet meer, het is één waas. Ben ik mijn gevoel voor realiteit verloren? Ben ik verblind en verdoofd? Of zie ik wat ik heb gewonnen, zie ik de mogelijkheden van de toekomst? Mogelijkheden die niet door realiteit zijn te bevatten, en waarschijnlijk door de mensheid wordt gezien als dwaasheid. Verliefdheid.
Maar nu zelfs een eerdere generatie (sterker nog, 2 generaties) hun goedkeuren hebben uitgesproken ben ik er van overtuigd dat het niet alleen mijn eigen beeld is dat zegt dat ze geweldig is. Geweldig in het algemeen, en voor mij. Voor ons, want ze is van mij, en ik van haar.
Ik blijf bij haar.
Heerlijk.
maandag 14 januari 2008
Bijna en toch al helemaal
Het duurt nog een paar kleine uurtjes, dan is ze volwassen. Een vrouw, geen meisje meer.
Zou het haar veranderen? Ik hoop het niet, ze is al goed zoals ze is. Nog beter zou eng zijn, en minder is geen optie. Zij kan alleen maar beter worden; wij kunnen alleen maar beter worden.
In dat opzicht is ze voor mij al volwassen genoeg, daar heeft ze geen getal voor nodig, zodat de samenleving haar een verstandigheids-kwaliteits-
Ik zou zo veel kunnen schrijven over haar,
als ik de tijd had.
Natuurlijk, ik heb de tijd. Ik heb een leven voor me, met haar als het gaat zoals we willen. En er is geen reden om aan te nemen dat dat niet zo is.
Maar deze week moet ik mijn aandacht zorgvuldig verdelen, helaas. Ik houd niet van tijdsdruk, maar toch komt het er altijd op neer. Achja. Ik leer er mee leven.
Binnenkort wordt het weer rustiger op school, vanaf dan weer meer berichten.
Zou het haar veranderen? Ik hoop het niet, ze is al goed zoals ze is. Nog beter zou eng zijn, en minder is geen optie. Zij kan alleen maar beter worden; wij kunnen alleen maar beter worden.
In dat opzicht is ze voor mij al volwassen genoeg, daar heeft ze geen getal voor nodig, zodat de samenleving haar een verstandigheids-kwaliteits-
Ik zou zo veel kunnen schrijven over haar,
als ik de tijd had.
Natuurlijk, ik heb de tijd. Ik heb een leven voor me, met haar als het gaat zoals we willen. En er is geen reden om aan te nemen dat dat niet zo is.
Maar deze week moet ik mijn aandacht zorgvuldig verdelen, helaas. Ik houd niet van tijdsdruk, maar toch komt het er altijd op neer. Achja. Ik leer er mee leven.
Binnenkort wordt het weer rustiger op school, vanaf dan weer meer berichten.
maandag 7 januari 2008
Eerste week
De eerste week van het jaar. En als alles nog beter wordt dan deze week, dan ga ik ernstig twijvelen of ik wakker ben of in een droom-coma ben terechtgekomen.
Can it get any better?
Natuurlijk, anders wordt de rest van het jaar zo saai.
Mijn gedachten golven door elkaar, waaien alle kanten op. Maar ze gaan allemaal dezelfde kant op.
Ik wil bij haar zijn.
Natuurlijk is het cliche en ik zal er vast ook niet veel bloglezers mee aanspreken, maar ze is geweldig!
Het meisje waar ik altijd naar op zoek ben geweest, ze bestaat en ik heb haar gevonden.
--
In de trein zaten een man en vrouw van een jaar of 40, Portugees of zoiets. De hele reis zaten ze te praten. Heel voorzichtig schoof zijn hand iets verder naar haar toe, centimeter voor centimeter. Tot zijn hand op haar been lag, en ze praatten gewoon door.
Haar hand zocht de zijne op. Heel langzaam, tot ze elkaar raakten. Ze zaten ze een half uur, tot vlak voor Haren, het laatste station waar de intercity langsreed voor het eindstation. Heel langzaam, onzeker alsof ze beiden net 14 waren en voor het eerst zoenden, bewogen ze steeds iets dichter naar elkaar toe. Tot het moment dat hun gezichten elkaar raakten. Ze keken elkaar aan, en sloten hun ogen, ombeurten.
Ik gun ze het geluk, want ik weet hoe ze zich voelen.
--
Een flits, en duizenden gloeiende deeltjes spatten uiteen in het heldere donker van de buitenlucht. Achter de bebouwing schrikt een zwerm meeuwen op door de knal, en ze cirkelen massaal omhoog. Honderden, misschien wel duizenden sneeuwitte vogels vliegen door de spotlights voor het gebouw, met op de achtergrond de vuurwerkregen en sterren.
Hoe kan ik nu niet dromen? Alles is mooi.
Ben ik bang om het hardop te zeggen? Ja, eigenlijk wel, ookal weet ze het.
Ik ben verliefd op haar.
Can it get any better?
Natuurlijk, anders wordt de rest van het jaar zo saai.
Mijn gedachten golven door elkaar, waaien alle kanten op. Maar ze gaan allemaal dezelfde kant op.
Ik wil bij haar zijn.
Natuurlijk is het cliche en ik zal er vast ook niet veel bloglezers mee aanspreken, maar ze is geweldig!
Het meisje waar ik altijd naar op zoek ben geweest, ze bestaat en ik heb haar gevonden.
--
In de trein zaten een man en vrouw van een jaar of 40, Portugees of zoiets. De hele reis zaten ze te praten. Heel voorzichtig schoof zijn hand iets verder naar haar toe, centimeter voor centimeter. Tot zijn hand op haar been lag, en ze praatten gewoon door.
Haar hand zocht de zijne op. Heel langzaam, tot ze elkaar raakten. Ze zaten ze een half uur, tot vlak voor Haren, het laatste station waar de intercity langsreed voor het eindstation. Heel langzaam, onzeker alsof ze beiden net 14 waren en voor het eerst zoenden, bewogen ze steeds iets dichter naar elkaar toe. Tot het moment dat hun gezichten elkaar raakten. Ze keken elkaar aan, en sloten hun ogen, ombeurten.
Ik gun ze het geluk, want ik weet hoe ze zich voelen.
--
Een flits, en duizenden gloeiende deeltjes spatten uiteen in het heldere donker van de buitenlucht. Achter de bebouwing schrikt een zwerm meeuwen op door de knal, en ze cirkelen massaal omhoog. Honderden, misschien wel duizenden sneeuwitte vogels vliegen door de spotlights voor het gebouw, met op de achtergrond de vuurwerkregen en sterren.
Hoe kan ik nu niet dromen? Alles is mooi.
Ben ik bang om het hardop te zeggen? Ja, eigenlijk wel, ookal weet ze het.
Ik ben verliefd op haar.
Abonneren op:
Posts (Atom)